croxhapox


Lucasmunichstraat 76/82
9000 Gent (Belgium)

brainbox > brainbox 04 > Michaël Borremans, Dirk Zoete, Tinka Pittoors

 
- agenda
- about us
- publications
- timetable
- encyclopedia
- over brainbox
- guestbook
- subscribe!
- links
 
brainbox 01
brainbox 02
brainbox 03
brainbox 04
brainbox 05
brainbox 06
brainbox 07
collaborations:
> Hans V. Heirseele_text    
> Joris V. Der Borght_text    
> Lieve D´ hondt_photo    
> Johan Coveliers_photo    
> Marc Coene_video    
     
 
brainbox unit 4 /fragmenten / auteur: Hans van Heirseele
maandag 23 oktober, 14:20 > 14:40 /dag 53/

michaël borremans, tinka pittoors, dirk zoete

Michaël en Dirk slaan elk met een houten hamer op de bultige kleimassa. ‘We hebben heel veel ideeën,’ verduidelijkt Michaël.

Inmiddels doet schrijver dezes zich tegoed aan een broodje met eiersalade.

Tinka springt bij met nog meer ideeën: ze gaat de kleimassa te lijf met de blote hand. Het bouwsel is gauw te klein voor haar onverdroten ijver.
Waar Dirk gebleven is, is heel even onduidelijk. Michaël laat het niet aan zijn hart komen en geeft de klei van jetje.
‘Beetje verdelen he,’ zegt Tinka, terwijl ze dikke plakken loswrikt en die over het bovenvlak van het bouwseltje verdeelt.
‘Ja, he,’ merkt Michaël op, ‘vrouwen hebben inzicht: verdeel en heers.’

Dirk blijkt zich in het kantoortje te bevinden. Hij wil weten of er een wipzaag is.
Ik denk hier enige tijd over na. ‘Wat bedoelt ge met wipzaag? Bedoelt ge dàt, met wipzaag?’ Ja, hij bedoelt dat.
Maar allez, enfin, een wipzaag...
‘Nee, er is geen wipzaag.’
Intussen kwam Michaël tot een verbijsterende ontdekking: een van de hoekstenen van het bouwsel kwam los te zitten. ‘Opletten, opletten he...’ Hij bestudeert het probleemgeval. Het voorval geeft aan dat het door Anton gefabriceerde schrijn - zowat het enige element van de oorspronkelijke setting dat overeind bleef - een gegeven van grote importantie werd.

Tinka is intussen bezig met het aanbrengen van folie. Ze brengt de folie in brede vlakken om het itonbouwsel aan.

‘Ik hoop toch dat ze die itonblok tot het einde laten staan,’ mijmert Michaël.

Dirk komt met een nieuw voorstel op de proppen: als ze nu eens elke dag voor een andere constructie zorgen. Elke dag iets anders.
Dirk ziet zich al naar Hanssens telefoneren: ’t Is om te zeggen dat ge niet moet komen. Michaël ziet hier het grappige wel van in: Het incorporeren van een nieuw gegeven, zodat het hetzelfde blijft en toch anders is.
‘Ofwel blijven we bij onze oude plannen...’

Tinka suggereert een schaalvergroting. De tegenstelling: er tegen ingaan.

Dirk: ‘Of, we werken hier in die bak, met die figuurtjes, maken er foto’s van, en dan doen we de figuurtjes weg en tonen we de foto’s...’
‘Dan moeten we twee dingen doen,’ brengt Michaël te berde, die ook niet van gisteren is. Wat ze net zo goed zouden kunnen doen: ‘We kunnen ruzie beginnen maken.’
Michaël: ‘Ik vind dat het meest logische dat zou kunnen gebeuren. En dan wordt het project afgelast. Enfin, we moeten de klei plat krijgen, wat er ook gebeurt.’

Ze nivelleren de klei. Het huidige plan is om er een miniatuurakker aan te brengen. Het alternatief: een pornografische scenografie. Neukende paartjes die door een boer geploegd worden.
Tinka droomt weg: ze ziet een grasperk, berkjes, gazon, een tapijt van gips...
Michaël echter ziet het ploegwerk als een toren van Babel.
‘Anarchistisch ploegen,’ grapt Dirk.
‘Een schone titel... Dat moeten we opschrijven.’

Dirk ziet een enorme kast rond het bouwseltje, een kast met gaatjes in.
Er volgt een technische uitleg over de fundamentele principes van anarchistisch ploegen.
Miniatuurventjes...
‘...en een stukske groen...’

 

dinsdag 24 oktober 2006, 18:45 > 19:00 /dag 54/

michaël, tinka, dirk

In de door unit 3 aangebrachte houten zaalwand is een manshoog gat aangebracht. De opening gaat net onder de titel door.

Michaël, Dirk en Tinka zijn bezig met een houten bouwsel, metershoge triplexwanden die de buitenlijn van het gipsen grondvlak volgen.
Ze hebben zich wat biertjes aangeschaft. ‘Van wijn valt ge in slaap,’ orakelt Michaël. ‘Bier is veel arbeideristischer.’

Michaël hanteert een boor, Dirk houdt de triplexwand tegen, ook Tinka steekt een handje toe. Het werk schiet op.
En zeggen dat we thuis zo veel werk hebben,’ grapt Dirk. Ze lachen. Intussen is er iets met de ladder... Dirk, die de werkzaamheden dirigeert, bevindt zich halverwege de ladder, maar het ding blijkt ergens vast te zitten.
‘Dat is echt Laurel en Hardy...’ Ze ontdekken dat een houten dwarsbalkje in de weg zit, een van de verbindingsstukken bedoeld om het bouwsel te stabiliseren.

‘Heb je een handzaag?’ vraagt Michaël.

 

vrijdag 27 oktober 2006, 16:30 > 16:40 /dag 57/

michaël, tinka, dirk /spoor 2: lou m.c. mulder, sven jacobs/

Een discussie over de koffiemachine. Iedereen heeft zin in een kopje koffie, maar het klote-apparatus werkt niet en niemand hoe het ding aan de praat te krijgen.
Met een thermos waren ze beter af geweest.

Lou neemt foto’s van het landschap. De kleisculptuur is uitgevlakt tot een platte akker. Her en der staan miniatuurfiguurtjes opgesteld.
Om het pastorale tafereel is een houten kast gebouwd waarin, op strategische plekken, een aantal ronde gaten aangebracht werd. Een tweede, veel grotere houten structuur volgt de buitenrand van het met gips volgegoten grondvlak.
Michaël, Sven en Tinka bespreken het werk, terwijl Dirk druk met een verrekijker in de weer is. ‘Dat is het mooiste standpunt, he,’ meent Tinka, ‘dat ge de mensen dwingt om the big picture in hun hoofd te maken.’ Ze neemt een van de verrekijkers en tuurt door een van de gaten. In feite hebben ze alleen de lenzen nodig. De verrekijkers - het zijn er een dozijn - werden om die reden stuk voor stuk gedemonteerd.

Tinka verlaat het bouwsel en bekijkt de houten constructie vanop een afstand. ‘’t Is wel maf, he,’ zegt ze, ‘ge ziet alleen het hout...’
Dirk komt er bij staan. Hij snuit z’n neus en stapt naar het andere eind van de ruimte. ‘We mogen hem zeker nog niet toevijzen?’ vraagt Michaël.

Ze bekijken het landschap: ossen ploegen het veld. Dirk heeft de ploegen ontworpen. Hij is een meester in dat soort dingen.
De grapjes zijn allemaal van Tinka: een koe verloren midden een pas geploegde akker en iemand die languit in de modder ligt. Het slachtoffer draagt een blauwe kiel. De boer die hier aan het werk was, heeft met enige zorgvuldigheid om het slachtoffer heen geploegd.

‘Er gaan nog wat plassen inkomen,’ verduidelijkt Michaël. Gisteren hebben ze met water geprobeerd, maar die plassen zijn intussen weer opgedroogd. Het plan is om dit keer een laagje vernis te proberen en daarop water aan te brengen.
In een van de openingen is het oog van Dirk te zien. ‘Dat is een nieuw godsprincipe,’ grapt Tinka. Michaël maakt een foto van de neus van Dirk. ‘Kunnen wat mensen helpen om het kot te verplaatsen?’ vraagt hij.
‘Zeg, gaat ge het niet verprutsen, met die vernis...,’ informeert schrijver dezes.
‘Ja, als je geen risico’s neemt...,’ merkt Michaël op. Ook waar: als je niets doet, gebeurt er niets.

Het kot is verplaatst. Tinka giet wat water op de klei. Geen plas, legt ze uit, ze wil gewoon het oppervlak glad strijken.